zondag 8 januari 2023

 

Tweede Kamer overgenomen door kunststudenten



 

Elk jaar struinen Ron Mandos en Radek Vana de Nederlandse kunstacademies af, op zoek naar jong talent voor hun galerie, maar ook om hen op de kaart te zetten. Acht van hen exposeren nu in de Tweede Kamer.

“Zonder jong artistiek talent heeft de kunstwereld geen toekomst,” zegt Ron Mandos, galeriehouder uit Amsterdam. Al vijftien jaar zet hij zich samen met conservator Radek Vana in om jonge kunstenaars een podium te geven. Elk jaar organiseren zij de tentoonstelling ‘Best of Graduates’ met een selectie afstudeerders van elf kunstacademies uit heel Nederland. Hun samenwerking resulteerde in een stichting: de Ron Mandos Young Blood Foundation.

Dit jaar vindt de expositie plaats in Den Haag, in het hart van het gebouw van de Tweede Kamer, de Statenpassage. Acht jonge kunstenaars tonen daar nu hun werk. De expositie in het Kamergebouw ontstond door een initiatief van Kamerleden Jorien Wuite (D66) en Pim van Strien (VVD). Zij dienden een motie in, waarin zij stelden dat beginnende kunstenaars hard getroffen waren door de coronapandemie en dat zij minder kansen hadden gekregen om hun werk te laten zien. De Kamerleden vroegen het dagelijks bestuur van de Tweede Kamer om deze kunstenaars een podium te geven. De motie werd met ruime meerderheid aangenomen.

 

Voorlinden

Het is even een gedoe om in de Tweede Kamer binnen te komen, want hoewel de expositie gratis is, moet je wel je ID laten zien en gaan jas en tas eerst door de scanner, want ben je eenmaal binnen, dan kun je ook zo doorlopen naar de publieke tribune van de Tweede Kamer.

In de Statengalerie op de begane grond zijn de afstudeerders van de laatste drie jaar te zien. Elk jaar wordt ook de ‘Young Blood Award’ uitgereikt aan een van de deelnemende kunstenaars. “In de eerste instantie kocht onze galerie een werk aan van de winnaar, maar later zijn we een samenwerking aangegaan met museum Voorlinden. Het kunstwerk van de winnaar wordt nu opgenomen in de vaste collectie van het museum, zij bepalen ook wie het is,” legt Mandos uit.

 

Posters van stof

De winnaar van de Ron Mandos Young Blood Award 2022 is Marcos Kueh uit Maleisië, hij studeerde dit jaar af aan de afdeling Mode en Textiel van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten (KABK) in Den Haag en viel bij deze krant al eerder op met zijn indrukwekkende wandkleden, die hij ‘posters van stof’ noemt. Kueh gebruikt decoratieve motieven in pastelkeuren, die prachtig harmoniëren. Ze vinden hun oorsprong in zijn geboorteland. Hij wil laten zien dat achter de gedecoreerde souvenirs uit zijn land vaak een symbolische betekenis zit en dat de cultuur in zijn land zeker zo interessant is als die in het Westen. Ook Joseph Thabang Palframann studeerde af aan de Haagse KABK, hij maakt schilderachtig werk waarbij hij ook hooi en geurstoffen gebruikt. De twee kunstenaars verstaan beiden de kunst om naast de serieuze boodschap die ze willen uitdragen, ook werk te maken dat ontroert en vakmanschap uitstraalt.

Den Haag is met de KABK goed vertegenwoordigd. Alexander Jermilov maakte een installatie die een weergave is van een archeologische vindplaats. Voorwerpen uit verschillende tijden zijn naast elkaar gezet. Zo wordt een kritische blik geworpen op de geschiedschrijving en de waardering van kunst.

Maikel Deekman van de Gerrit Rietveld Academie uit Amsterdam exposeert met een serie schalen op kleurige sokkels, die sterk doet denken aan de installaties van Ai Weiwei. Sophie Engels van de Sint Joost School of Arts & Design uit Breda, wil als observator haar ervaringen als queervrouw laten zien en horen met een audiosculptuur. De toeschouwer kan het hoofd op een zachte sculptuur leggen om naar verhalen te luisteren.

Er zijn ook video’s van Shifra Osorio Whewell, Stephanie Rizaj en Sveske Ouro.

 

‘Best of Graduates’. Tweede Kamer, ingang Prinses Irenepad 1. Nog t/m vrijdag 13 januari, van maandag t/m vrijdag, tussen 10 en 17 uur. Meer informatie: www.tweedekamer.nl en www.ronmandos.nl

 

 

‘MODE GAAT VOOR MIJ HAND IN HAND MET DE MUZIEK’

 Artikel in Den Haag Centraal van 27 oktober 2022

Nog geen jaar geleden veroverde zangeres Lady Blackbird Amerika met haar weergaloze stem en extravagante voorkomen. Nu toert ze door Nederland.

 


Lady Blackbird is een indrukwekkende verschijning met een krachtige uitstraling en een dijk van een stem. Ze omschrijft zichzelf als ‘quite goofy’. “Ik ben dol op lachen. Vroeger was ik erg onhandig en hoorde ik echt niet bij de ‘coole kids’,” vertelt ze.

De zangeres uit Los Angeles verscheen in 2021 uit het niets met haar debuutalbum Black Acid Soul en zette daarmee de jazz- en soulwereld in Amerika op zijn kop. In maart 2022 toerde ze door Nederland en in juli stond ze op het North Sea Jazz Festival. Haar stem wordt vergeleken met die van Nina Simone, Billie Holliday en Etta James, anderen noemen ook Amy Winehouse. In Amerika wordt Lady Blackbird ‘The Grace Jones of Jazz’ genoemd. Vrijdag 28 oktober komt een deluxe-edition uit van haar debuutalbum Black Acid Soul, het opnieuw verpakte album bevat elf extra nummers. Zondag 30 oktober treedt ze op in het Paard.

 

Studio B

Midden in de pandemie in 2020 bracht Lady Blackbird een single uit met het nummer Blackbird, een opzwepende herinterpretatie van de song van Nina Simone. Het is ook het eerste nummer van het album Black Acid Soul, waar covers en eigen nummers op staan. Het album is opgenomen in de legendarische Studio B van de Sunset Sound studio's in Los Angeles, dezelfde ruimte waar Purple Rain van Prince werd geschreven. Ze werd begeleid door een liveband met daarin voormalig Miles Davis-pianist Deron Johnson, die nog steeds met haar rondtoert.

“Het succes van Black Acid Soul is voor mij nog steeds ‘shocking’. Het lijkt nu misschien alsof het snel ging, maar in werkelijkheid heeft het even geduurd om te komen waar ik nu ben,’ zegt ze. ‘Het was een ‘hell of a journey’, die nu eindelijk resultaat oplevert.”

 

Performance

Met haar witte afrokapsel is Lady Blackbird een markante persoonlijkheid, ze treedt op in opvallende outfits: in strakke jurken die haar tatoeages op armen en decolleté bloot laten, in een zilveren korset of geheel gehuld in bont, veren en tule, meestal staat ze daarbij op torenhoge hakken. Voor haar is optreden ook een performance. “Mode gaat voor mij hand in hand met de muziek. Voor mijn shows werk ik samen met een aantal geweldige stylisten en ontwerpers. Ik speel zelf een grote rol bij het ontwerpen van de meeste van deze kledingstukken. Het is leuk om te doen. Het is kunst.” De indrukwekkende videoclips waarin ze deze kleding ook draagt en die op YouTube te zien zijn, vallen zeker ook in de categorie ‘kunst’.

De voorgeschiedenis van Lady Blackbird is bijzonder, ze kan zich niet herinneren dat ze ooit níet zong, vanaf haar vijfde trad ze op in de kerk en op kermissen. Marley Munroe is haar echte naam, ze komt uit de christelijke muziekwereld en zong gospels, maar besloot uiteindelijk haar eigen weg te gaan. “Het feit dat ik ervoor koos om de christelijke gemeenschap te verlaten, betekende dat ik tot mezelf kwam. Ik kon mijzelf als mens ontwikkelen met mijn eigen gedachten en gevoelens. Het is belangrijk om uit te zoeken wie je bent als individu en niet alleen maar de leider te volgen. Ik steun nu van harte de LGBTQI+-gemeenschap. Ik ben er erg trots op dat ik het mijn gemeenschap mag noemen. Steun voor gelijkheid en individualiteit is vrijheid en vrijheid om precies te zijn wie je bent, is een recht dat iedereen zou moeten hebben.”

Lady Blackbird heeft goede herinneringen aan Nederland. “De tijd die ik daar heb doorgebracht was geweldig! De mensen stonden open voor mijn muziek en hebben mijn album goed ontvangen. Het was echt een heel speciale ervaring.”

 

Lady Blackbird in het Paard, Tussen vrijdag 28 oktober en zaterdag 12 november treedt Lady Blackbird op in verschillende theaters in Nederland. Zondag 30 oktober in het Paard. Meer informatie www.paard.nl

 

 

Foto’s Christine Solomon

 

 

Fallische vormen en gespreide benen in ‘Tuin der Lusten’

 Artikel in Den Haag Centraal van 19 oktober 2022



Elmar Trenkwalder tekent met klei, de vormen ontstaan onder zijn handen. Hij bakt en glazuurt in delen die hij samenvoegt tot gigantische kunstwerken.

 

Het werk van de Oostenrijkse kunstenaar Elmar Trenkwalder (1959) is controversieel. Zijn tentoonstelling ‘Tuin der Lusten’ in museum Beelden aan Zee is een klapper, het is de eerste tentoonstelling die de nieuwe directeur Brigitte Bloksma heeft binnengehaald. Trenkwalder heeft zijn atelier in Innsbruck, hij exposeerde in Nederland eerder in het Stedelijk Museum Schiedam en het Bonnefantenmuseum in Maastricht. Museum Boijmans van Beuningen kocht zijn werk voor in de collectie. In Den Haag wordt Trenkwalder vertegenwoordigd door Galerie Maurits van de Laar.  

Elmar Trenkwalder maakt groot keramisch werk dat hij opbouwt met losse modules die hij eerst in zijn atelier heeft gebakken en geglazuurd. Hij zet ze ter plekke in elkaar. Een van zijn grootste werken maakte hij in 2018 voor Kunstraum Dornbirn (Oostenrijk) en dat was 13 meter breed en 7 meter hoog. “Het unieke is dat Trenkwalder helemaal alleen deze gigantische sculpturen maakt, van het vormgeven en het bakken tot het glazuren, hij doet het allemaal zelf,” zegt Bloksma.Het is voor de kunstenaar niet alleen belangrijk dat zijn beelden en installaties een uiting zijn van zijn fantasie en verbeeldingskracht, maar ook van zijn fysieke kracht. Nooit zal hij een assistent vragen om hem te helpen bij het zware werk. Dat hij zelf degene is die de werken vervaardigt, is belangrijk voor hem.”

 

Schaalmodel

Trenkwalder werkt op basis van een schaalmodel. Hij maakt maquettes in keramiek die hij later in het groot uitvoert. Zo groot dat je er doorheen kunt lopen. Hij schept een barokke en sensuele wereld met een monumentale architectonische uitstraling. De glanzende kleuren van het glazuur maken het een sensatie om door het kunstwerk heen te wandelen.

In het midden van de museumzaal staat een sculptuur in donkergroen en zachtblauw. Het bestaat uit gebogen vormen en sprookjesachtige figuren die wulps om elkaar heen draaien. “Dit werk staat voor een nieuwe fase, het heeft meer organische vormen dan mijn vorige werk,” zegt Trenkwalder. Het spectaculaire beeld bestaat uit 49 delen die allemaal apart gebakken en later aan elkaar gezet zijn. “Mijn oven is niet groter dan een kubieke meter. Met dit werk ben ik tweeëneenhalf jaar bezig geweest en het is nu voor het eerst in elkaar gezet. In mijn atelier heb ik het nooit gezien zoals het hier nu staat, daarvoor is het veel te groot.”

 

Controversieel

Aanvankelijk begon Trenkwalder als tekenaar, pas later ontdekte hij de keramiek. Hij vindt dat tekenen en werken met klei overeenkomsten heeft. “In een tekening kun je alles maken wat je wilt,” legt hij uit. “Ook klei is een materiaal waarmee veel mogelijk is, ik vorm het met mijn handen. Het is alsof ik teken met klei, de sculptuur ontstaat terwijl ik ermee bezig ben. Het materiaal is heel delicaat en kwetsbaar, het moeilijkste is als ik het in de oven moet zetten voordat het gebakken is. Ik kan het dan nergens aan vasthouden en soms is het gewicht wel een paar honderd kilo. Aan de binnenkant maak ik speciale bevestigingen die het tóch mogelijk maken.”

Dat Trenkwalder van oorsprong een tekenaar is, valt goed te zien aan een tiental heel bijzondere en wat kleinere objecten aan de muur. Met grafiet maakt hij tekeningen met golvende lijnen en tegelijkertijd vormt hij er een reliëf van klei omheen, dat meer is dan een lijst alleen.

Even verderop staat een sculptuur met roze en wit glazuur, het zijn grote vingers die omhoog wijzen. De glans is in het licht dat van boven komt parelmoerachtig. Op het eerste gezicht trekt het werk van Trenkwalder aan door de mooie vormen en kleuren, maar de naam van de tentoonstelling is niet willekeurig gekozen. Na beter kijken zie je dat er overal mannelijke en vrouwelijke geslachtsdelen in de sculpturen verwerkt zijn, zoals fallussen en onderlichamen van vrouwen met gespreide benen. “Er heeft in Frankrijk zelfs een werk gestaan dat zo controversieel was dat ze het weg moesten halen,” zegt Bloksma.

 

Elmar Trenkwalder, ‘Tuin der Lusten’ in museum Beelden aan Zee, t/m zondag 19 maart 2023. Meer informatie www.beeldenaanzee.nl

 

 

maandag 10 oktober 2022

 

Oude en minder oude meesters broederlijk naast elkaar

 Artikel in Den Haag Centraal van 6 oktober 2022 door Margreet Hofland

Pulchri Studio bestaat 175 jaar en viert dat met een jubileumexpositie waar oude meesters van de Haagse School deel van uitmaken.


 

Hare Koninklijke Hoogheid prinses Beatrix geniet zichtbaar als ze wordt toegesproken door de alter ego van cabaretier Paul van Vliet. Charles van Tetteroo is kunstkenner en stelt zich voor als bewoner van de seniorenflat ‘Les feuilles mortes’ in Wassenaar. “Kunst is toch de enige troost die wij nog hebben in deze barre tijden?” zo begint hij zijn toespraak. Hij steekt zijn verhaal af ter gelegenheid van de viering van het 175-jarige bestaan van Schilderkundig Genootschap Pulchri Studio. Prinses Beatrix is uitgenodigd om het eerste exemplaar van het jubileumboek ‘Pulchri 175 jaar’ in ontvangst te nemen. Ze is al 25 jaar beschermvrouwe van de kunstvereniging en zelf ook een niet onverdienstelijk kunstenares. Met de overhandiging van het boek zijn ook de drie bijzondere tentoonstellingen rond het jubileum geopend.

 

Oude Meesters


De jubileumtentoonstelling bestaat uit drie onderdelen met als thema verleden, heden en toekomst. In de Mesdagzaal zijn onder de titel ‘Oude Meesters’, schilderijen van kunstenaars van de Haagse School opgehangen, die ooit lid van de kunstenaarsvereniging waren. Daartussendoor hangt werk van leden van Pulchri Studio die al minstens veertig jaar lid zijn, sommigen zijn inmiddels erelid. De schilderijen uit de 19e eeuw komen uit privé bezit, via de Hoogsteder Museum Stichting. Uniek is dat er werk te zien is dat velen nog nooit gezien hebben. Kunsthandelaar Willem Jan Hoogsteder geeft een korte toelichting. “De wens om hier werk te laten zien van de kunstenaarsleden van het allereerste uur was er al snel, maar dat was wel moeilijk te realiseren. Over het algemeen willen musea hun werk niet uitlenen, omdat ze bang zijn voor klimaatproblemen, maar voor dit werk gaat dat niet op. Het klimaat in Pulchri Studio is altijd nog beter dan in een woning.” Hij benadrukt nog eens hoe mooi het is dat er een vereniging bestaat waar kunstenaars en kunstminnende leden elkaar kunnen vinden.

 

Haagse school

De jubileumexpositie is een unieke tentoonstelling geworden en het is indrukwekkend om het werk van de oude meesters van de Haagse School naast werk van nog levende oude meesters te zien hangen. Een kleurig stilleven van Jan van Spronsen (1932) hangt naast een schitterend zelfportret van Willem de Zwart als nar. Er zijn enkele portretten van Italiaanse meisjes, geschilderd door Jacob Maris (ooit actief bestuurslid van Pulchri Studio). In zijn tijd waren de ‘Italiennes’ zeer geliefd bij kunstverzamelaars en ze brachten veel geld op. Haagse schilders gingen  met een studiebeurs naar Rome en vonden hun modellen daar op de Spaanse trappen.

Een ander zelfportret van Willem de Zwart, met een knijpbril op de neus, is geschilderd in 1912 en is pas onlangs ontdekt. Het hangt naast een recent werk van Ab van Overdam (1937) die ‘De wereld onder water’ schilderde en daarmee een knap staaltje vakmanschap laat zien. Het werk ‘Biddende vrouwen voor een kerk’ met prachtige licht-donker effecten is gemaakt door Johannes Borsboom en toont hoe virtuoos ook deze schilder was. Borsboom was in 1847een van de oprichters van Pulchri Studio.

 

Selfies

In de zaal ernaast hangt werk van hedendaagse kunstenaarsleden van Pulchri Studio. De kunstenaars konden een ‘selfie’ voor deze tentoonstelling insturen, wat tot boeiende resultaten heeft geleid, soms bijzonder, soms gewoon mooi, maar ook vaak hilarisch. Er zijn portetten van Dick Stapel, Loek Bos en Aat Verhoog die met vakkennis en humor geschilderd zijn, maar ook zijn er zelfportretten die de kijk van de kunstenaar op zichzelf, op een bijzondere manier weergeven. Zoals bijvoorbeeld ‘Mysterie’ van Frits Frietman, ‘Spiegeltje, spiegeltje’ van Maddy Rentenaar en een keramiek met een kroon van Nicky Konings. Frans de Leef presenteert een ingelijste dakpan omdat hij ooit dakdekker was met de titel ‘Novemberstorm 1972’.

De derde


tentoonstelling, met de naam ‘Bring Your Own Beamer’ richt zich op visual arts. “De studenten van de kunstacademie houden zich tegenwoordig voor tachtig procent bezig met andere technieken dan met schilderkunst,” zegt Lia Harkes die eraan meewerkte. “Het is een nieuwe generatie van video-kunstenaars die zich hier met deze pop-up videoshow presenteren.” De videomakers hebben de ruimte gekregen, de projecties zijn naast elkaar op drie grote wanden te zien.

 

Jubileumexpositie in Pulchri Studio t/m zondag 23 oktober. Meer informatie www.pulchri.nl

 

 

 

 


 

Sculpturen van organza en fluweel

 Artikel Den Haag Centraal september 2022 door Margreet Hofland

Met stevige stoffen modelleerde couturier Balanciaga zijn ontwerpen. Hij gaf vrouwen bewegingsvrijheid, zijn jurken waren voor elk soort lichaam.



Om de persoon Cristóbal Balenciaga (1895-1972, Baskenland, Spanje) hangt een wolk van mysterie. De beroemde couturier was in zijn jonge jaren een man met een broeierige schoonheid, donker gepommadeerd haar en sprekende ogen. Hij had ongetwijfeld veel aanbidsters, maar bleef zijn leven lang trouw aan zakenpartner Wladzio d’Attainville, een relatie die hij voor de buitenwereld geheim hield. De schuchtere Balenciaga gaf nauwelijks interviews en bespiedde het winkelend publiek in zijn modehuis het liefst ongezien door een kijkgat.

‘Meesterlijk zwart’, heet de Balenciaga-tentoonstelling in het Kunstmuseum, een herhaling van de tentoonstelling ‘l’Oeuvre au noir’ in 2017 in Palais Galliera, het modemuseum van Parijs. De titel refereert aan de voorliefde van Balenciaga voor zwart. Het aristocratische zwart was in Spanje al sinds de zestiende eeuw een voorrecht van de adel. De kostbare kleur werd door hen gedragen als symbool van rijkdom, vaak samen met de spierwitte molensteenkraag, die zich als een krans van welvaart om hun nek plooide. Zwart symboliseerde macht en status, in 1516 arriveerde de toekomstige keizer Karel V geheel in het zwart gekleed aan het hof van Castilië.

 

Contouren

De ontwerpen van Balenciaga hebben weinig te maken met de ‘Little black dress’ van Chanel en Givenchy. Zíjn jurken golven, draaien en vibreren als weelderige sculpturen, als negatieven van marmeren beelden. De stevige stoffen zijn hier en daar geborduurd met pailletten, zwarte git-parels, kant en veren, een subtiel spel spelend met licht en schaduw. Nooit zitten zijn jurken ongemakkelijk, er is altijd ruimte tussen lichaam en stof. ‘Een vrouw hoeft niet perfect of mooi te zijn om mijn jurken te dragen, de jurk zal dat allemaal voor haar doen’, is een van zijn uitspraken.


De kledingstukken van Balenciaga bieden bewegingsvrijheid. In een tijd waarin de getailleerde New Look van Christian Dior het modebeeld domineert, zoekt hij juist naar andere contouren. Hij geeft een nieuwe betekenis aan de vrouwelijke vormen en elimineert de taille, waardoor er andere silhouetten ontstaan. Als een tovenaar speelt hij met crêpe, organza en fluweel. Af en toe voegt hij een witte bontkraag of een randje roze kralen toe. Zijn jurken worden vanaf het allereerste begin met zwarte stof op de pop gemodelleerd en niet met het crèmekleurige ongebleekte katoen waar de meeste ontwerpers gebruik van maken.

Harpers Bazaar schreef in 1938 ‘Het zwart is zo zwart dat het als een klap aankomt. Een zwaar, Spaans, bijna fluweelachtig zwart, als een nacht zonder sterren; elk ander zwart komt bijna grijs over’. Onder de clientèle van Balenciaga bevonden zich onder meer Grace Kelly, Marlène Dietrich en Greta Garbo,

 

Sprookje

Het leven van de jonge Balenciaga klinkt als een sprookje. Zijn moeder is een naaister, die na de dood van haar man alleen nog zwart draagt. Ze maakt jurken voor de Marquesa de Casa Torres en neemt haar zoon mee. De twaalfjarige Cristóbal mag bij de markiezin in de kast kijken, hij is diep onder de indruk en vraagt of hij óók een jurk voor haar mag maken. Ze geeft hem de stof en hij maakt zijn eerste ontwerp. Via haar gaat Cristóbal datzelfde jaar in de leer bij Casa Gómez in de mondaine badplaats San Sebastián en in 1917 opent hij daar zijn eerste modehuis.

In 2021 draagt realytister Kim Kardashian een ontwerp uit de collectie van Demna –creatief directeur van het huis Balenciaga – op het Met Gala, het jaarlijkse bal van het Metropolitan Art Museum in New York. Ze is van top tot teen in het zwart gehuld met laarzen en een gezichtsmasker. Balenciaga is still alive.

 

‘Meesterlijk zwart’ t/m zondag 5 maart 2023 in het Kunstmuseum. Meer informatie www.kunstmuseum.nl

 

 

Ontmoetingen met koningin Emma

 Artikel in Den Haag Centraal september 2022 door Margreet Hofland

Voor de tentoonstelling ‘Koninklijke Ontmoetingen’ maakten Haagse kunstenaars nieuw grafisch werk met een koninklijk tintje.

 Tien Haagse kunstenaars zijn door Escher in het Paleis uitgenodigd om speciaal voor het museum een grafisch werk te maken, met als onderwerp het koninklijk paleis en de voornaamste bewoonster daarvan, koningin Emma. ‘Koninklijke Ontmoetingen’ heet de tentoonstelling. De


kunstenaars die meedoen werken normaal in allerlei verschillende disciplines en voor sommigen was deze opdracht dus een echte uitdaging. Tijdens het maken van het nieuwe werk in de Grafische Werkplaats in Den Haag zijn de geselecteerde kunstenaars intensief begeleid.

“Niet elke kunstenaar heeft eerder grafisch werk gemaakt. Het is heel bijzonder dat je toch hun eigen werkwijze in de kunstwerken terugziet. Opvallend is wel, dat ze bijna allemaal bladgoud verwerkt hebben, dat geeft blijkbaar toch iets koninklijks,” zegt conservator Judith Kadee.

 

Onmogelijke trappen

Kunstenaar Yaïr Callender is altijd op zoek naar verhalen. In zijn werk speelt symboliek een belangrijke rol. Met ‘Vergeten namen, vergeten plaatsen’ maakt hij een verbinding tussen de hofhouding van koningin Emma en het personeel in het paleis van nu: een gewaad met daarop alle namen in goud gedrukt. Het decoratieve patroon dat hij toevoegde, komt van de keukentegels beneden in het paleis. Kadee: “Het is de bedoeling dat het gewaad tijdens de tentoonstelling ook een paar keer gedragen wordt, door de supposten bijvoorbeeld.”

Ook Nynke Koster is uitgenodigd. Deze zomer exposeerde zij nog met een gigantische en kleurrijke installatie van rubber (5x15 meter) in de kerk van Alkmaar. Mensen konden eroverheen lopen en erop gaan zitten. “Voor haar was het een hele uitdaging, omdat ze meestal heel groot werk maakt. Ze maakte nu gebruik van flockdruk, dat is een zeefdruk met een textiel-laag eroverheen. Het fluwelige oppervlak heeft iets koninklijks. In het patroon zitten geometrische vormen, die naar de onmogelijke trappen van Escher verwijzen. Ook de schorsen van de lindebomen op het Lange Voorhout waren een inspiratiebron.”  

 

Spiegel

“Hanna de Haan heeft hier urenlang geschetst om waarheidsgetrouw het houtsnijwerk en andere ornamenten te kunnen weergeven,” zegt Kadee. De Haan maakte eerder een groot panorama voor museum Panorama Mesdag dat uit houten platen bestond en waarin voorstellingen waren gegutst. Ook nu maakte ze een paneel, waarin je de trappen en doorkijkjes van het paleis herkent. Ieder stuk van het hout heeft ze gebruikt om er architecturale elementen van het paleis in uit te snijden, met de grote trap in de ontvangsthal als basis.

‘Fluisterpaard / Whisper Horse: The Horses Are Not What They Seem, or Objects in the Mirror Are Closer Than They Appear’. De titel van het werk van Zeger Reyers klinkt als een gedicht en ook aan het werk zelf loop je niet zomaar voorbij. “Het is een soort tijdmachine, hij brengt toen en nu bij elkaar. Reyers wilde zijn werk precies op deze plek hangen, naast de spiegel van het paleis, want als je daarin kijkt dan zie je de ruimte die in zijn werk terug te vinden is. Ook Emma heeft ooit in deze oude spiegel gekeken. Reyers heeft haar afgebeeld met een schimmel, het paard dat zij op een lap borduurde.”

 

Bolletjes

Marleen Sleewits fotografeerde gouden elementen uit de balzaal van het paleis, voor haar werk ‘Going Round and Round’. Ze maakte twee lijsten van roze plexiglas, met daarachter een zeefdruk met bolletjespatroon. Ook op de grond liggen (gouden) bolletjes. Ze koos bewust voor de bolletjes als verwijzing naar het optische spel van Escher. Eenmaal gefotografeerd en uitgeknipt is het moeilijk te zien of ze hol of bol zijn.

De deelnemende kunstenaars aan ‘Koninklijke Ontmoetingen’ zijn: Ai Hashimoto, Arike Gill, Hanna de Haan, Koos Breen, Lotte van Lieshout, Marleen Sleeuwits, Nynke Koster, Thijs Ebbe Fokkens, Yaïr Callender en Zeger Reyers.

 

‘Koninklijke Ontmoetingen’ in Escher in het Paleis, t/m zondag 6 november 2020. Meer informatie www.escherinhetpaleis.nl

 

Eindelijk krijgt Suzanne Robertson een glansrol

 Artikel Culturele Seizoensbijlage Den Haag Centraal september 2022

Omdat de Haagse kunstenares Suzanne Robertson een vrouw was, kreeg ze minder aandacht dan ze verdiende. Dat wordt nu ruimschoots goedgemaakt met een grote overzichtstentoonstelling in Museum Panorama Mesdag.

De Haagse Suze Robertson (1855-1922) is een ten onrechte vergeten kunstenaar. In haar eigen tijd was ze iemand waar je niet omheen kon: een eigenzinnige vrouw met pit, doorzettingsvermogen en heel veel talent. Haar schilderijen en tekeningen zijn indringend en emotioneel met stoere lijnen, grote vlakken en primaire kleuren.

Het werk van Robertson is anders dan dat van haar tijdgenoten van de Haagse School, ze wilde meer dan alleen de werkelijkheid weergeven en schilderde met gevoel. Ze was een vernieuwer en wordt nu door kenners tot een van de grootste kunstenaars van haar tijd gerekend. Omdat ze een vrouw was, kreeg ze heel lang minder aandacht dan ze verdiende. Honderd jaar na haar sterfdag presenteert Museum Panorama Mesdag vanaf september een overzichtstentoonstelling van haar werk.

 

Mesdag

In 1873 lukte het Robertson als één van de eerste vrouwen om een plek te bemachtigen aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten. Pas in 1872 werden vrouwen toegelaten aan de kunstacademie in Den Haag, die daar redelijk vooruitstrevend in was. De dames dienden zich overigens wel aan de typisch vrouwelijke onderwerpen te houden, zoals stillevens en landschappen. Het was zeker ook niet de bedoeling dat zij beroepskunstenaar zou worden, maar zelf dacht ze daar anders over. Op het moment dat haar dochter negen jaar oud werd, plaatste zij haar kind in een pleeggezin, omdat zij het moederschap niet met haar roeping als schilder kon combineren. Inmiddels was ze bevriend geraakt met de familie Mesdag, die werk van haar kocht, zodat ze het pleeggezin kon betalen.

Robertson gaf les aan de meisjes-HBS in Rotterdam en volgde ’s avonds lessen aan de academie. Ze veroorzaakte een schandaal door te eisen dat ook zij de lessen ‘naakt-naar-modeltekenen’ mocht volgen. Volgens het regelement kon men haar niet uitsluiten en kreeg ze schoorvoetend toestemming, maar de kranten spraken er schande van:  ‘Dat zo’n vrouw aan hun dochters lesgaf!’.

 

Pietje

Robertson werd geïnspireerd door schilders als Jean-François Millet en Anton Mauve, die ploeterende arbeiders en boeren afbeeldden. Haar hoofdthema was de gewone vrouw, die ze met medeleven en respect portretteerde. Ze ontving verschillende prijzen voor haar schilderijen van werkende - vaak Scheveningse - vrouwen. Ze had oog voor het zware leven op het platteland, keer op keer gaf ze hen weer tijdens huishoudelijke bezigheden of het productiewerk in onder meer de textielindustrie en de landbouw. Ze schilderde en tekende vrouwen die aardappelen schilden, borden wasten, brood sneden, kleding wasten, takken braken, schoven bonden en garen sponnen.

Met het schilderij van haar nicht ‘Pietje met gouden achtergrond’, een eenvoudige boerenvrouw op een stoel, werd ze op slag bekend onder haar vakgenoten. Even indrukwekkend is het portret ‘Pietje bij het oudhedenstalletje’, waar het meisje voor een tafel zit met een stilleven, dat weergegeven is met hooglichten en schaduwen.

De stadgezichten waren een ander geliefd onderwerp. Het latere werk van Robertson is abstracter, met grote kleurvlakken, donkere omlijningen en zonder schaduwwerking. Door het gebruik van kleuren die steeds minder realistisch waren, gingen emoties een steeds grotere rol spelen. Robertson stond op de rand van het expressionisme.

 

Monografie

Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde monografie. Het is de eerste uitgebreide studie naar het oeuvre van Robertson en naar haar plaats in de Nederlandse kunstgeschiedenis. Museumdirecteur Minke Schat zegt erover:Dat juist Museum Panorama Mesdag het initiatief heeft genomen voor dit ambitieuze project – publicatie, technisch onderzoek en tentoonstelling – is niet verwonderlijk. Hendrik Willem Mesdag en Sientje Mesdag-van Houten, de oprichters van het museum, hadden een speciale band met Suze Robertson. Ze waren bevriend met haar en verzamelden haar werk. Het boek is rijk geïllustreerd met tekeningen en schilderijen. Veel van de werken zijn niet eerder in de openbaarheid getoond. Deze hommage aan Suze Robertson geeft haar eindelijk haar welverdiende plaats binnen de Nederlandse kunstgeschiedenis. Na het lezen van dit boek, wil je beslist ook de tentoonstelling zien.”

 

‘Suze Robertson’ van zaterdag 24 september 2022 t/m zondag 5 maart 2023 in museum Panorama Mesdag. Meer informatie www.panorama-mesdag.nl

  Savery, een meester in het observeren   Roelant Savery werd onder meer bekend met zijn schilderijen van de uitgestorven dodo. Met zijn b...