donderdag 15 augustus 2019


Panama is hipper dan ooit
Artikel in Den Haag Centraal van 15 augustus 2019

Mike Camardese (39) komt uit Maastricht en woont sinds 2008 in Den Haag. Hij is steward bij de KLM en reist de hele wereld rond. Na een lange reis blijft hij meestal drie dagen in een hotel voordat hij weer terugvliegt naar Nederland. Eén van zijn favoriete bestemmingen is Panama.

Je bent vaak van huis, mis je Den Haag dan wel eens?
“Van heimwee heb ik nooit last, maar soms als ik zie dat het net die ene mooie warme dag in Den Haag is, dan zou ik wel graag bij Whoosah of Culpepper op het Zwarte Pad zitten. Er gaat niets boven een Scheveningse strandtent op een zwoele zomeravond. Wat ik zo bijzonder vind aan Den Haag is de diversiteit en de ruime opzet van de stad met zijn parken, statige lanen en mooie pleinen. Niet te druk, maar wel levendig genoeg. Je kunt heerlijk wandelen in de duinen of in het Haagse bos, of je onderdompelen in een van de prachtige musea. Daarnaast is er de reuring van het Plein en de drukte van het Spui. Minder goed geregeld vind ik dat sommige wijken in de stad een beetje achtergesteld zijn, die zouden wel een opknapbeurt kunnen gebruiken.”

Hoe is het leven in Panama?
“Panama voelt een beetje als een mix tussen authentiek Zuid-Amerika en
het moderne Amerika. De stad ligt direct aan het strand met uitzicht over de baai. Het is er druk en levendig, altijd warm en broeierig. Het nieuwe gedeelte heeft hoogbouw, dynamische architectuur met wolkenkrabbers, het oude gedeelte, Casco Viejo, is het tegenovergestelde. Je vindt er koloniale laagbouw met weelderige begroeiingen, bougainville kruipt overal tegen ornamentale balkonnetjes omhoog. Dit gedeelte was twaalf jaar geleden - toen ik er voor het eerst kwam - nog grotendeels vervallen. Nu is de wijk helemaal opgeknapt en hipper dan hip met rooftopbars, originele restaurantjes in oude opgeknapte ruïnes en koffiebarretjes met mooie barista’s op elke hoek van de straat.”

Panama-city
Wat is het eerste wat je doet als je weer in Den Haag bent?
“Meestal moet ik even mijn jetlag wegslapen. Daarna ga ik direct naar het Plein om bij mijn favoriete eetcafé De Eeuwige Jachtvelden ‘een bakkie te doen’.”

En in Panama?
“In Panama wil ik zo snel mogelijk een verkoelend wijntje bij Casa Casco in de oude stad. De rooftopbar heeft een schitterend uitzicht op de skyline en aan de andere kant zie je dan de eilanden waarvan Taboga één van mijn favorieten is.”

Hoe is het eten in Panama?
“Het eten in Panama is erg goed. Mijn eerste ervaring was ‘picanha’ en ‘entranja’, dat is in feite gewoon biefstuk in stukjes, maar dan veel lekkerder dan je bij ons kunt krijgen. Altijd geserveerd met een salsa van jonge knoflook en groene chilipepers. Te lekker! Men eet verder veel ‘empanadas’ en ‘quesadillas’ (tortilla’s) zoals in heel Midden - en Zuid-Amerika.  En niet te vergeten de fantastische ‘ceviches’: rauwe vis in zuur van citroen en limoen. Vaak wordt dat in hippe restaurants met een westerse ‘Fusion twist’ geserveerd. Absoluut een aanrader.”

En hoe is het in Den Haag?
“In Den Haag heb je qua eten zo’ n beetje alles. Van een haring van Simonis tot een heerlijke Roti van Johnny. Mijn favorieten om uit eten te gaan zijn Jamie Bennet, Walter Benedict en sinds kort Suzy Q, waar je het al tijden populaire ‘shared dining’ tot in de perfectie kunt ervaren.”

Welke tips kun je ons voor een bezoek aan Panama geven?
“Natuurlijk het Panamakanaal en de al genoemde oude stad, maar ook de bijzondere jungletochten per boot en bezoekjes aan eilanden als Isla Contadora of de fenomenale bounty-eilanden van San Blas, mooier vind je ze bijna nergens ter wereld.”

Wat is je favoriete plek in Panama?
“De eerder genoemde rooftopbar Casa Casco staat met stip op één of om iets anders te noemen: restaurant Tomillo, op een steenworp afstand. Hier eet je onder een nachtblauwe sterrenhemel het meest heerlijke ‘Latin Fusion food’ dat er is en er is live muziek. Bij minder mooi weer schuift er een glazen dak over de ruïnes van deze oude kerk en zit je toch droog. Absoluut een belevenis in smaak en beeld.”

En in Den Haag?
“Je vindt me het liefst op het Zwarte Pad of bij De Eeuwige Jachtvelden, maar een andere absolute favoriet is Bite Me op het Anna Paulownaplein. Wat heb je heerlijk lang zon op dit prachtige plein. Het is een beetje uit de standaarddrukte, maar toch levendig en bruisend. Cheers!”


maandag 12 augustus 2019


Barokke couture voor opera’s Verdi en Bellini
In Den Haag Centraal van 8 augustus 2019

Couturier Peter George d’Angelino Tap maakt een indrukwekkende tentoonstelling met zijn ontwerpen voor de Zwitserse Opera.
  
In Kadmium, een presentatieruimte aan het Sint Agathaplein in Delft, is tijdens het Delft Chamber Music Festival de expositie ‘Vessels for he Muses’ van modeontwerper/kunstenaar én Hagenaar Peter George d’Angelino Tap te zien. d’Angelino Tap werkt voor de derde achtereenvolgende zomer in Zwitserland aan een operaproductie waarvoor hij decor en kleding ontwerpt en die hij ook zelf regisseert. In 2016 produceerde hij voor het eerst een opera: Bellini’s ‘Bianca e Fernando’ voor Opera St. Moritz. De ‘Sartorial Statues’, kleding sculpturen zoals hij ze noemt, en een deel van het decor, zijn nu in de benedenzaal van Kadmium tentoongesteld.
De ‘Sartorial Statues’ staan voor het monumentale wandtapijt (12 x 3,5 meter) met als thema ‘De Hubris’ (Over Hoogmoed). Met veel vakmanschap is met wol, vilt en glanzende garens gewerkt om een sprookjesachtig tafereel te maken. De figuren veranderen van kleur in een steeds wisselende belichting, citaten uit de mythologie en kunstgeschiedenis zijn in het tapijt verwerkt.
De stoffen van de kleding zijn naar eigen ontwerp gemaakt, rijk geborduurd en geweven, met schitterende barokke kleurencombinaties. Ook gebruikt d’Angelino Tap vaak een techniek om stoffen te vervilten; het is de kunst om de stoffen dun en soepel te laten worden zonder dat er gaten in vallen. Aan de andere muur hangen foto’s van Sartor Domum, het ‘creative team’ van d’Angelino Tap, met de jurken en jassen uit de opera, geshowd door mannen. Op de achtergrond speelt muziek van de opera. “Het is een soort ‘Gesamtkunstwerk’, zoals Wagner dat ook al voorzag,” zegt d’ Angelino Tap. “Opera is een vierdimensionale ervaring ‘avant la lettre’, een ervaring als reizen zonder te bewegen.” Deze zomer zet hij ‘I Due Foscari’, een opera van Verdi op het podium.

Organza
De bovenverdieping is gewijd aan de concertkleding die d’ Angelino Tap al tien jaar maakt voor het beroemde pianisten-duo Arthur en Lucas Jussen. Zo’n dertig kostuums zijn te zien. In 2017 ontwierp hij voor hen doorzichtige pakken van organza waarmee ze tijdens het Holland Festval optraden in het Amsterdams Concertgebouw, daar wordt nog steeds over gesproken. Andere jasjes zijn gemaakt van zijde en geborduurd met kleurrijke patronen. Op de wand wordt een videoregistratie van het optreden van de broers tijdens het Grachtenfestival in Amsterdam (2018) geprojecteerd waar ze ook kostuums van d’Angelino Tap dragen. Op 13 augustus interviewen ze de kunstenaar in Kadmium tijdens een ‘Meet en Greet’. “Misschien kan ik hen wel verleiden om ook nog iets te spelen,” zegt d’Angelino Tap.
In dezelfde ruimte is een aantal blauwwitte jurken met kant en gedrapeerde tule tentoongesteld. Ze komen uit de collectie ‘Delf’waer’, een tentoonstelling voor een speciale gelegenheid gemaakt en geshowd in ‘Palais de Tokyo’ in Parijs. De ontwerpen zijn gebaseerd op Delfts blauwe vazen. Peter George d’Angelino Tap, zelf altijd gekleed in een van zijn geborduurde jassen, opent de expositie met een toast op de muzen.

‘Vessels for the Muses’ Peter George d’Angelino Tap in Kadmium, Delft nog t/m 25 augustus. Meer informatie info@kadmium.nl




Maurits Muis in het Mauritshuis
In Den Haag Centraal van 25 juli 2019

‘Hallo Rembrandt!’ is een ontdekkingsreis voor kinderen in het Mauritshuis naar de beroemdste schilder uit de Gouden Eeuw.


 Dat dit jaar in het teken staat van Rembrandt van Rijn zal niemand zijn ontgaan. Het is 350 jaar geleden (op 4 oktober) dat de kunstschilder overleed en dat wordt door het hele land met tentoonstellingen en activiteiten herdacht. Ook het Mauritshuis, dat een belangrijke collectie schilderijen van Rembrandt bezit, besteedt de nodige aandacht aan het themajaar ‘Rembrandt en de Gouden Eeuw 2019’.
In de zomervakantie is er een speciale tentoonstelling voor families met kinderen: ‘Hallo Rembrandt!’. Een interactieve tentoonstelling waar kinderen van drie tot en met elf jaar spelenderwijs kennis maken met de beroemde schilder en zijn werkwijze.
In de hal begint het al direct met blauwe en gele voetsporen die de kinderen kunnen volgen, de trap op. Boven worden dat muizenstapjes, het zijn de pootafdrukken van de mascotte van het Mauritshuis: Maurits Muis. “Het prentenboek ‘Maurits Muis en Rembrandt’ van Ingrid en Dieter Schubert, is in de museumwinkel verkrijgbaar, maar de meeste kinderen die hier komen, kennen het al,’” zegt Janneke Gilsing, conservator van de tentoonstelling. “De allerkleinsten kunnen op zoek naar Maurits Muis in zijn schildersatelier dat hier onder de tafel is gebouwd. Ze kunnen zich verkleden in kostuums uit de Gouden Eeuw, er zijn allerlei spellen met bijvoorbeeld silhouetten waar ze zelf een compositie mee kunnen maken. Er zijn spellen met kleurenfilters en puzzels. En ze mogen alles aanraken en vastpakken.” De spellen staan uitnodigend in een kring opgesteld.

Rembrandt-licht
De oudere kinderen kunnen een hele tijd doorbrengen in de zaal ernaast. Op de wand is een tijdlijn gemaakt op origineel schilderdoek, met dikke wollen draden geborduurd. De afbeeldingen en teksten vertellen de levensloop van de schilder.
“Kinderen willen van alles weten over Rembrandt, of hij kinderen had, waar hij woonde, of hij getrouwd was, en dat kunnen ze hier allemaal vinden,” zegt Gilsing.
Er zijn kastjes om open te trekken, zo kun je te weten komen hoe Rembrandt zijn kleuren maakte. Erachter staan de benodigdheden voor verschillende pigmenten, zoals bijvoorbeeld verbrande beenderen voor beenderzwart en mineralen voor vermiljoen. Je kunt in een hokje gaan staan, op zoek naar het juiste ‘Rembrandt-licht’ en dan een selfie maken of onderzoeken hoeveel een bepaald schilderij kost, toen en nu.
In de kunstwerkplaats kan geschilderd worden met elke week weer nieuwe opdrachten. Er hoeft geen afspraak gemaakt te worden. Gedurende de openingstijden zijn er altijd museumdocenten aanwezig en kun je zo naar binnen lopen. Ouders kunnen eventueel poseren voor een portret met hoed en kraag uit de Gouden Eeuw. De allerkleinsten kunnen stempelen. De toegang voor kinderen onder de achttien is gratis en dus ook de workshops.

‘Hallo Rembrandt!’ in het Mauritshuis tot 15 september. Meer informatie www.mauritshuis.nl



zondag 21 juli 2019


Vrijheid is kostbaar
(Geen kunst, maar toch...)
In Den Haag Centraal van 1 augustus 2019

Volgend jaar is Den Haag het middelpunt van 75 jaar bevrijding in Nederland en dat wordt gevierd met een aantal evenementen.
 
Ties Brink foto Winesh
 In 2020 is het 75 jaar geleden dat Nederland werd bevrijd van de Duitse bezetting en dat wordt in Den Haag groots gevierd. Zo’n 200 mensen kwamen dinsdag 16 juli naar de Centrale Bibliotheek voor de kick-off van de website www.75jaarvrijheiddenhaag.nl én om ideeën uit te wisselen over de viering. Verschillende personen vanuit de betrokken organisaties beantwoordden onder meer de vraag: wat betekent vrijheid voor jou? “De verhalen van Hagenaren over de oorlog moeten voor de volgende generatie bewaard blijven,” zei Ernst van den Berg, manager Bureau Citymarketing Den Haag. “Op alle scholen moeten weer gesprekken komen over oorlog en vrijheid.”
Ties Brink (17), de burgemeester van Madurodam, zit op het Gymnasium Novem in Voorburg. Hij hield een indrukwekkende speech. “Vrijheid is niet vanzelfsprekend,” zei hij. “Ik ben mij daarvan bewust geworden na een bezoek samen met de wethouders van Madurodam aan concentratiekamp Dachau. George Maduro, de naamgever van ons attractiepark is daar elf weken voor de bevrijding overleden. Maduro heeft in de oorlog een aantal heldendaden verricht en speelde een actieve rol in het verzet totdat hij werd opgepakt. Het bezoek heeft diepe indruk op ons allemaal gemaakt. Door de verhalen die er nog zijn, kunnen wij ons veel beter voorstellen wat er toen gebeurd is. We moeten ernaar blijven luisteren en ze doorgeven.”
De toehoorders werden erg stil bij het aangrijpende verhaal van de Syrische journaliste Salwa Zaher. Ze vertelde dat het heel moeilijk voor haar is om over vrijheid te praten. “In 2012 toen ik nog journalist in Syrië was, kon ik me niet voorstellen wat vrijheid werkelijk was. Niemand in Syrie kan dat. Alles wordt gecontroleerd, niemand kan zijn eigen mening uiten. Nu ben ik in Nederland en zou dat dus wel zo moeten zijn, maar toch kan het niet. Ik heb familieleden in Syrië dus kan ik nog steeds niet zeggen wat ik echt wil, dat is gevaarlijk voor hen. Maar ik kan het niet laten om te schrijven. Ik schrijf emotionele artikelen over mijn vlucht uit Syrië, maar nooit over politiek.”

Vrijheidsambassadeur
Van maart tot en met oktober 2020 is er een programma waaraan iedereen kan meedoen. Er zijn herdenkingen, vieringen, lesprogramma’s en tentoonstellingen. Op de website zijn al deze activiteiten te vinden. Er is ook een mogelijkheid om activiteiten aan te melden die op de website kunnen worden geplaatst. Het idee of de activiteit moet een bijdrage leveren aan: het herdenken, het vieren van de vrijheid, educatie of 75 jaar Verenigde Naties, er kunnen ook subsidies aangevraagd worden.
Op drie maart start het programma met de herdenking van het bombardement op het Bezuidenhout. Robert-Jan Rueb organisator van het Bevrijdingsfestival op 5 mei, kondigde aan dat er ook dit jaar weer fantastische optredens op het Malieveld te verwachten zijn. Op 8 mei wordt herdacht dat Den Haag zelf bevrijd is en zal er een Bevrijdingsdéfilé plaats vinden, op 9 mei starten de Invictus Games in Sportcampus Zuiderpark, een internationaal sportevenement voor fysiek en mentaal gewonde militairen.
Den Haag FM en Omroep West-dj Justin Verkijk werd uitgeroepen tot allereerste ‘vrijheidsambassadeur’. Via hem hoopt gemeente Den Haag ook veel jongeren te bereiken.
Burgemeester Pauline Krikke besloot de middag met de woorden: “Het is belangrijk dat de getuigenissen van de oorlog blijven bestaan. Ze doen ons beseffen hoe kostbaar onze vrijheid is.”



Meesters in observeren en interpreteren
In Den Haag Centraal van 18 juli 2019

In Fotomuseum Den Haag is nu een overzichtstentoonstelling van het echtpaar Ute en Werner Mahler te zien: ‘Voorbij de grenzen van de DDR’. Het zijn vlijmscherpe observaties van gewone mensen.

Het is een feest om door de tentoonstelling ‘Ute Mahler & Werner Mahler - Voorbij de grenzen van de DDR‘ in Fotomuseum Den Haag te dwalen. De expositie bestaat voornamelijk uit zwart-wit foto’s, een selectie uit bijna vijftig jaar werk van het Duitse fotografenechtpaar. Beiden groeiden op in de voormalige Duitse Democratische Republiek (DDR). Het paar speelt een belangrijke rol in de Oost-Duitse fotowereld. 




Sinds 2005 geven ze les aan de Ostkreuzschule für Fotografie in Berlijn. De fotovakschool is door hen en een aantal andere fotografen opgericht, na de val van de muur. Ute en Werner Mahler kennen elkaar sinds hun middelbareschooltijd, in de jaren zeventig studeerden ze allebei fotografie in Leipzig. Na de eerste dertig jaar afzonderlijk te hebben gewerkt, maken ze vanaf 2009 samen fotoreportages. Deze tentoonstelling is het eerste grote overzicht van hun werk in Nederland en beslaat de periode vanaf het begin van de jaren zeventig tot heden.
Ute en Werner Mahler zijn meesters in het observeren en interpreteren. Hun foto’s zijn nooit van tevoren bedacht of geregisseerd, ze fotograferen geen grootse en meeslepende momenten maar zijn gefascineerd door het gewone leven in slaperige voorsteden. De Mahlers zien zichzelf als ‘documentairefotografen met een subjectieve aanpak’, wat in feite tegenstrijdig is. Ze leggen het uit als: ‘We zijn ervan overtuigd dat er geen objectiviteit bestaat. Iedere fotograaf heeft zijn of haar eigen beeldtaal en benadering.’

Steenkolengruis
De personen op de foto’s stralen een sfeer uit die moeilijk te benoemen is, maar die de toeschouwer steeds weer bij de keel grijpt. In de oudere foto’s is het vooral de tijdsgeest die op een overtuigende manier is vastgelegd. In de serie ‘Zirkus Hein’, het afstudeerproject van Ute Mahler uit de jaren tachtig, zien we op een foto een stel circuskinderen over een touw hangen. Ze kijken zelfbewust de wereld in op één na. De jongen zou net zo goed een balletdanser kunnen zijn of een model voor een schilderij uit de Italiaanse Renaissance. Ute Mahler zag het bijzondere van deze jongen en heeft dat prachtig vastgelegd. Ze maakte ook portretten van bekende figuren zoals zangeres Nina Hagen met haar moeder en van de heel jonge politica Angela Merkel, betrapt op een onbewaakt ogenblik.
Heel indringend zijn de foto’s van Werner Mahler uit de serie ‘Steinkohlenwerk Martin Hoop’ uit 1975. In de Martin-Hoopmijn werd steenkool nog met de hand en met drilboren gedolven. De hitte op deze diepte is enorm en de arbeiders werkten soms totaal naakt. Op de foto’s is hun hele lichaam besmeurd met steenkolengruis, de ogen lichten fel op met een verbeten uitdrukking. ‘Tegenwoordig denk ik dat dit een van de belangrijkste series uit mijn carrière is. De serie is kenmerkend voor mijn interesses’, is het commentaar van Werner Mahler. Drie jaar later werd de mijn gesloten.
‘Monalisen der Vorstädte’ (Mona Lisa’s van de voorsteden) uit 2009-2011, is de eerste gezamenlijke portretserie van het stel, met Da Vinci’s ‘Mona Lisa’ als inspiratie. Het zijn gewone jonge vrouwen die een bijzonder schoonheid hebben en soms zelfs eenzelfde geheimzinnige glimlach laten zien. ‘Kleinstadt’ is het laatste project dat het echtpaar samen deed van 2015 tot en met 2018. Het is een ode aan kleine provinciesteden in Duitsland. Het paar fotografeerde onder anderen jonge mensen die na de middelbare school een keuze moeten maken: blijven of weggaan? Het zijn prachtige foto’s van hangjongeren die verveeld hun tijd doden.

‘Voorbij de grenzen van de DDR’ Fotomuseum Den Haag tot en met 22 september 2019. Meer informatie www.fotomuseumdenhaag.nl



maandag 8 juli 2019


De expositie ‘Move d’ laat werk zien van veertien kunstenaars binnen de kunststroming concrete kunst.

Concrete kunst is geen afspiegeling van werkelijkheid 
foto Margreet Hofland
“Kunstenaar Bob Bonies (82) kan gezien worden als icoon van de concrete kunst,” zegt Hannie van der Made, curator van de tentoonstelling ‘Move d’ in Pulchri Studio. “Alles om ons heen verandert en is in beweging. Deze tentoonstelling laat zien dat dit ook in de kunst het geval is. De naam is gekozen vanwege de dubbele betekenis: beweging in de kunstvorm en bewogen raken als beschouwer.”
Centraal op de tentoonstelling hangt een werk (zonder titel) van Bob Bonies, een  dynamische gekantelde vorm met kleurvlakken in rood, wit en blauw. Bonies werkt altijd met de primaire kleuren en groen en wit. Het geometrisch abstracte werk is zorgvuldig uitgebalanceerd, over elke millimeter en elke lijn is nagedacht.
De deelnemende kunstenaars van de tentoonstelling werken allemaal binnen deze kunststroming, een richting die honderd jaar geleden door Theo van Doesburg en Piet Mondriaan gelanceerd is met het ontstaan van De Stijl. “Kenmerk van dit werk is dat de essentie van het idee gevisualiseerd wordt zonder dat het overwoekerd wordt door een overvloed aan beeldmiddelen,” zegt Bonies.
Veertien kunstenaars nemen deel aan de expositie, onder anderen Andre van Lier -  die ook de initiator van de tentoonstelling is - met een kobaltblauw driedimensionaal kunstwerk ‘Hexametrisch’ en Eddy Stikkelorum met sculpturen van gekleurd hout in gebogen vormen. Yumiko Yoneda toont witte ruimtelijke objecten van polystyreen en Ditty Ketting laat een intrigerend werk zien dat diepte suggereert met blokjes in subtiele kleurovergangen. Voor het reliëf van Marus van der Mare uit de ‘Piramideserie’, moet de toeschouwer dichtbij staan om er achter te kunnen kijken wat een speciale ervaring geeft.

Internationaal
Dat er weer hernieuwde belangstelling voor concrete kunst is, ook internationaal, wordt de laatste jaren steeds vaker gesignaleerd. “Een aanzienlijke aantal kunstenaars uit deze tijd gaat door met het verder ontwikkelen en onderzoeken van de geometrische abstracte kunst, zowel in Amerika als in China,” zegt Bonies. “Overal vinden tentoonstellingen plaats en ook onder verzamelaars is veel nieuwe belangstelling. Dat komt omdat geometrie niet gebonden is aan een bepaald cultuurfenomeen of aan een religieuze opvatting. Al het werk dat hier hangt, heeft een geometrische grondslag en het is bijzonder dat deze tentoonstelling werk laat zien van kunstenaars uit Den Haag en omgeving.”
De tentoonstelling is heel divers en laat zien dat er verschillende benaderingen zijn die ook heel verschillend werk opleveren. “Mijn werk is direct herkenbaar als dat van mij,” zegt Bonies. “Het werk van Van Doesburg en van mij zit in hetzelfde gebied: de concrete kunst, maar als je beiden naast elkaar hangt, is er een groot verschil en dat is ook zo met de andere deelnemers van deze tentoonstelling.”
Bonies weet de essentie van concrete kunst goed samen te vatten. “Concrete kunst is een vorm van kunst waarbij niet verwezen wordt naar enige vorm van werkelijkheid. Al dit werk is niet een afspiegeling of een weergave van een andere werkelijkheid dan het werk zelf is. Dát is de concrete kunst.”

‘Move d’, actuele concrete kunst van 30 juni t/m 21 juli 2019 in Pulchri Studio. Meer informatie www.pulchri.nl

donderdag 13 juni 2019


Sporen van agressie in Luxor en Beiroet
Peter Blokhuis exposeert in de Haagse Kunstkring met werk waarvoor hij de wereld rondreisde. “Als toerist blijf je toch een buitenstaander.”

Door Margreet Hofland



Kunstschilder Peter Blokhuis (80) kan slecht afscheid nemen van zijn werk. Tot in het oneindige blijft hij veranderingen aanbrengen. Het is ook de reden dat sommige schilderijen niet te koop zijn. Dan vindt hij ze nog niet echt ‘af’. “Maandag heb ik in de Haagse Kunstkring mijn tentoonstelling ingericht,” zegt hij. “Maar woensdagochtend stond ik hier alweer met een kwastje en wat verf om toch nog wat bij te werken.”
‘Wachten’ heet het doek dat nauwelijks is opgedroogd. Er staan drie lege stoeltjes op, een thema dat vaak terugkeert in zijn werk, maar nu met inslagen van kogels erboven. “Ik wilde die kogelgaten nog wat donkerder te maken. Het zijn sporen van agressie en het is een beeld uit Luxor. Ook zag ik iets dergelijks in Beiroet. Als toerist blijf je toch een buitenstaander, ik ging in mijn hotel het balkon op en zag daar die gaten in de muur. Dan sijpelt het toch langzaam door.”

Twee schilderijen met de titel ‘Uitzicht uit het hotelraam’ vertellen ook over dat buitengesloten voelen, maar zijn vooral prachtig gemaakt. Schaduwen kruipen langzaam over de gevels omhoog, je voelt de hitte zinderen. Met duizelingwekkend veel verschillende tinten zijn luchten en gebouwen geschilderd, blauw en paars overheersen. De huid van de verf bestaat uit ontelbare penseelstreken. “Wat er hier gebeurd is, dat weten we niet. Ik vind het zelf ook spannend als ik aan het schilderen ben: dat witte vlekje, is het echt een vlek of wordt het een lamp?” zegt Blokhuis.

Guilty pleasure
Een ‘guilty pleasure’ van Blokhuis is het verzamelen van affiches die hij afscheurt en meeneemt of fotografeert. Delen ervan verwerkt hij in zijn collages en schilderijen.
“Tegenwoordig zijn de steden veel schoner dan vroeger, behalve op de elektriciteitshuisjes, die zijn nog wel eens volgeplakt met van alles en nog wat. Ze hebben hun eigen schoonheid. Je hebt geen ‘hogere’ en ‘lagere’ kunst vind ik. Ik was in een museum in Karlsruhe en zag daar werk van grote Duitse kunstenaars, daarna op straat zag ik opeens ergens een plaatje van een schreeuwend gezicht op de muur geplakt, heel klein, maar met een enorme expressie. Dat fotografeerde ik en verwerkte het in mijn schilderijen en tekeningen.”
Het kopje dat in verschillende van zijn werken terugkeert, doet denken aan ‘De Schreeuw’ van Edvard Munch, met dezelfde wanhoop. Het speelt ook nog een andere rol. Buiten op de muur naast de Kunstkring zit een plaatje waar je zo aan voorbij loopt. Het laat al een beetje los. Op verschillende plekken op het Lange Voorhout en de Denneweg kun je ze tegenkomen. “Het geeft mij nog steeds de emotie die ik kreeg toen ik het voor het eerst zag. Ik heb overal op het Lange Voorhout en omgeving dit kopje opgeplakt, ook op elektriciteitshuisjes. Ik zie ze langzaam van de achtergrond loslaten, iedere keer als ik er langs loop.”


‘Expositie Peter Blokhuis’ in de Haagse Kunstkring. T/m zondag 23 juni. Meer informatie www.haagsekunstkring.nl




  Savery, een meester in het observeren   Roelant Savery werd onder meer bekend met zijn schilderijen van de uitgestorven dodo. Met zijn b...